Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Michiel Dhont: ‘De noodzaak om kinderen bij zichzelf te brengen is groter dan ooit’

Tekst: Lilian Roos

In een wereld die steeds meer digitaliseert, bieden fysieke, zintuiglijke oefeningen een gezond tegenwicht. ‘Voelen en ervaren brengt kinderen bij zichzelf en bij elkaar’, stelt docent en beeldend kunstenaar Michiel Dhont. Met zijn methode ‘t Tijdloze Uur legt hij als het ware de tijd even stil.

michiel-dhont-de-noodzaak-om-kinderen-bij-zichzelf-te-brengen-is-groter-dan-ooit
Beeld: Annatamila / stock.adobe.com

In het oog van de orkaan, daar is het veilig. Op die plek brengt Michiel Dhont de kinderen met zijn oefeningen. In zijn werkboek ‘t Tijdloze Uur beschrijft hij 22 oefeningen helder en toegankelijk, zodat docenten, pm’ers, ouders en hulpverleners ze eenvoudig kunnen toepassen in hun groep. In deze lessen wordt de tijd voor even stilgelegd. 

‘Via tekenoefeningen en enkele klei-oefeningen kunnen kinderen voelen en ervaren’, vertelt Michiel. ‘Die bewuste zintuiglijke ervaringen brengt ze terug naar zichzelf. In sommige oefeningen laat ik ze eigenlijk mediteren, zonder het als zodanig te benoemen. Dat bevordert hun concentratievermogen.’ 

De oefeningen uit ‘t Tijdloze Uur zijn evidence based en Michiel werd in 2005 uitgenodigd als spreker en workshopleider op het World Congress of Emotional Intelligence in New York. Deze maand verschijnt een herdruk van zijn boek, want zijn oefeningen zijn actueler dan ooit.

Niks moeten

‘t Tijdloze Uur vormt een tegenwicht tegen de tweedimensionale prikkels waaraan kinderen een steeds groter deel van de dag worden blootgesteld via tv, mobiel, spelcomputer of Ipad. ‘Digitale middelen zijn niet meer weg te denken’, weet Michiel. ‘Maar het is belangrijk om er iets tegenover te stellen. Fysiek spel en lichaamsbeweging brengt de balans weer terug.’

Kinderen leven onder te veel stress tegenwoordig, vindt hij. ‘Steeds moeten presteren geeft stress. Dit teveel aan stress is erg ongezond en belemmert kinderen in hun (neurale) ontwikkeling. Ik pleit ervoor dat kinderen de mogelijkheid krijgen om in hun lichaam te zakken, te voelen, te ervaren, zonder verwachtingen, zonder iets te moeten. In mijn hele boek is het woord ‘moeten’ niet te vinden. Als kinderen kunnen onderzoeken en spelenderwijs ontdekken, is hun leermotivatie uiteindelijk veel groter.’

Proces centraal

Spelenderwijs en intuïtief ontdekken via teken- en klei-oefeningen is het uitgangspunt van ‘t Tijdloze Uur. Dit gebeurt zonder oordeel. ‘Helaas zijn in het onderwijs veel lessen beeldende vorming nog steeds gericht op het product, het eindresultaat’, stelt Michiel. ‘Er is dan een goed of fout, een mooi of lelijk. Eindwerkstukken worden met elkaar vergeleken en er zijn er een paar het beste gelukt. Zo groeien kinderen op in een wereld waarin ze het fout kunnen doen, waarin ze moeten presteren. Ik wil die prestatiedruk wegnemen. Het gaat bij ‘t Tijdloze Uur om het proces, niet om het resultaat.’

Creatieve vonk

Michiel Dhont ontwikkelde zijn methode vanuit de praktijk. Hij was jarenlang als docent beeldende vorming werkzaam op een Montessori-basisschool in Amsterdam. ‘Ik laat kinderen graag zelf ontdekken’, vertelt hij. ‘Met de kinderen verzamel ik spullen van langs de straat op vuilnisdag of ik leg materialen klaar, waarmee ze zelf aan de slag gaan – vrij, op hun eigen manier. Soms geef ik een suggestie, waar ze vervolgens zelf weer op doorgaan. Het is puur, oorspronkelijk en inventief wat er dan gebeurt. Kinderen zijn nieuwsgierig, onderzoeken van nature, en zijn uit zichzelf heel creatief. Dat zijn we als volwassenen vaak vergeten en verleerd. De vonk van een creatief moment ontstaat vanzelf als er geen verwachtingen zijn.’ 

Heb je je al ingeschreven voor de gratis nieuwsbrief van Zosja? Zosja is het online platform dat je helpt om toe te werken naar een IKC of jouw IKC klaar te maken voor de toekomst. Zosja levert je nieuws, duiding, achtergronden, tools en inspiratie over de wereld van de IKC’s.

Michiel zag dat het de kinderen goed deed. Langzaam voegde hij steeds meer toe aan zijn oefeningen, waardoor ze steeds rijker en effectiever werden. Het bleef niet onopgemerkt. ‘Toen in een groep 7-8 van de Montessori-school een docent wegviel, kreeg ik de vraag om weer eenheid in deze groep te brengen’, vertelt hij. ‘Er gebeurde iets bijzonders. De oefeningen brachten weer spel, en daarmee rust en samenhang in de groep die ontspoort was. De onrust viel weg en er ontstond weer een positieve verbinding onderling en met de nieuwe groepsleerkracht.’

Rust overbrengen

Maar hoe kun je kinderen uit de bovenbouw laten kleien en in stilte bij zichzelf zijn? Docenten die Michiel Dhont aan het werk zagen, waren vaak verrast. ‘Ik had niet verwacht dat je kinderen uit groep 7 en 8 kunt laten mediteren’, was bijvoorbeeld een reactie. Michiel: ‘Het concentratievermogen van kinderen kun je oefenen. Kinderen kunnen prima stilzitten en hun innerlijke ervaring observeren – ook drukke kinderen. Het gaat erom wat de docent er bij de kinderen uit laat komen. Dat vraagt wel wat didactische en pedagogische kwaliteiten, en vooral om goed te kijken en te luisteren naar kinderen. Dat kan alleen als je zelf als docent ook innerlijke rust hebt.’

Hij begrijpt goed dat het voor docenten als veel kan voelen: ‘Ook weer een uurtje tijdloos erbij? We moeten al zo veel…’ Maar de beloning is groot, stelt hij: ‘Als je als groepsleerkracht het lef hebt om hier tijd voor te maken, zul je verbaasd staan van wat het allemaal oplevert. Zo geeft het rust, harmonie, leerplezier, motivatie, betrokkenheid op elkaar en de leerprestaties zullen verbeteren.’

Intuïtie

In 2002 schreef de Conference of Health and Education van de Verenigde Naties een heel lijstje met positieve effecten toe aan ‘t Tijdloze Uur. Niet alleen de afname van stress werd genoemd en de ontplooiing van fantasie en creatief vermogen, maar ook het vergroten van concentratievermogen en intuïtie. Michiel: ‘In de oefeningen wordt gewerkt met beide handen. Het simultaan bewegen van beiden handen, bevordert de samenwerking tussen links en rechts, en daarmee worden beide hersenhelften uitgedaagd om uit te wisselen.’

Sociale intelligentie

Een ander positief punt dat werd genoemd: het bevordert de sociale intelligentie. In de oefeningen zit ook een sociaal aspect, waarbij de kinderen samenwerken en communiceren via beeldtaal. ‘Kinderen werken samen zonder verbale taal’, zegt Michiel. ‘Dit past erg goed in onze multiculturele samenleving. De oefeningen hebben een universeel karakter. Het doet er niet toe welke taal een kind spreekt of welke culturele bagage het heeft. Voelen, ervaren en uitdrukken via materiaal is universeel.’

Dat de methode universeel is, blijkt uit de uitgaven in andere landen. ‘t Tijdloze Uur is in 2018 uitgegeven in Israël in het Hebreeuws. Binnenkort verschijnt de Arabische vertaling in Jordanië, voor het gehele Arabische taalgebied. En volgend jaar komt het uit in het Engels, Duits, Frans, Spaans en Japans.

Lastige jongens

Vooral voor jongens vindt Michiel het belangrijk om fysiek aan de slag te gaan. Michiel: ‘Er zijn nu eenmaal verschillen in de hersenstructuur van jongens en meisjes. Bij meisjes zijn er van nature meer verbindingen tussen beide hersenhelften. En bij jongens is de fysieke behoefte nog wat groter, want hun testosterongehalte is nu eenmaal hoger. Door daar meer aan tegemoet te komen, kun je een hoop druk en moeilijk te hanteren gedrag van jongens wegnemen. Het is heilzaam voor jongens om met hun handen bezig te zijn en zich via materiaal uit te drukken. Maar ook voor meisjes is dit natuurlijk gezond en bevorderlijk voor hun ontwikkeling.’

Eenvoudige materialen

Bij de beschrijvingen in zijn boek, hield Michiel Dhont zijn eigen leerkrachtervaring in het achterhoofd. ‘De oefeningen zijn eenvoudig uit te voeren’, stelt hij. ‘Ook heb ik gekozen voor eenvoudige materialen, die vrijwel altijd voorhanden zijn. Het is de bedoeling dat een groepsleerkracht of pm’er ze met weinig moeite kan uitvoeren in de praktijk.’

Hersenen ontspannen

Hoe kunnen leraren de methode inzetten? Michiel: ‘Mijn ideaal zou zijn dat leraren tussen een lesuur rekenen en taal een ‘tijdloos uurtje’ zouden plannen: een stressloze les, waarin kinderen fysiek bezig zijn, de hersenen kunnen ontspannen door middel van expressie, geen verwachtingen, even naar binnen keren en van daaruit verbinden met de ander. Het zou niet alleen heel gezond zijn voor de kinderen en de sfeer op de groep, het zou zelfs de leerprestaties en leermotivatie ten goede komen.’ 

Kijk voor meer informatie over ‘t Tijdloze Uur op: www.tijdlozeuur.nl 

Om een beeld te krijgen van de werkvorm in de praktijk, staan er op deze pagina drie video’s van lessen.
Hieronder een beschrijving van een groepsoefening:

Groepsoefening in paren uit ‘t Tijdloze Uur: de klei-wissel

De kinderen zitten in paren naast of tegenover elkaar. Wanneer je de klei hebt uitgedeeld, laat je de kinderen eerst hun stuk klei wat soepel kneden. Ze kunnen het de klei op het plankje gooien en er met hun handen op slaan. Vaak leidt dit in eerste instantie tot een wat drukke werksfeer, die daarna overgaat in een ontspannen sfeer. Daarna sluiten ze hun ogen om met beide handen intuïtief te kneden. Er wordt niet gesproken. 

Meestal duurt deze oefening zo’n 15 tot 20 minuten. Als je voelt dat het concentratieniveau groot is, kun je de oefening langer laten duren. 

Zeg: “Pakken jullie het kleiplankje en ga in tweetallen op de grond zitten. Je gaat zo zitten dat je mij nog kunt zien. Nadat ik het woordje ‘wissel’ zeg, geef je het kleiobject aan elkaar. Als je het kleiobject van de ander ontvangen hebt, voel je het eerst goed in je handen. Voel dit gedurende 8 tot 10 seconden, zonder er iets aan te veranderen. Af en toe kun je ook met je handen stil zitten en alleen het kleiobject vasthouden.”

Bij deze oefening is het geven (loslaten) en ontvangen (innemen) een belangrijk onderdeel. Hierbij speelt het ‘mijn’ en ‘dijn’ een grote rol. Na een aantal wissels vertegenwoordigen beide stukjes klei dan ook het klei-werk van de beide kinderen. Het niet controleren met de ogen, maar alles op de tast voelen, stimuleert het visualisatievermogen van het kind.

De keuze van ‘doorgaan op…’ of ‘veranderen in…’ geeft een sterke stimulans tot intuïtieve zelfbepaling en ontwikkelt het gevoel van zelfverantwoordelijkheid. Het is belangrijk de kinderen van tevoren duidelijk het verschil tussen ‘mijn’ en ‘dijn’ uit te leggen. Dit is gericht op het leren omgaan met het gevoel van ‘mijn’ en ‘dijn’ in het loslaten van ‘mijn’ kleiobject en het aanvaarden en eventueel veranderen van ‘het andere’ kleiobject, het ‘dijn’.

Zeg: “Het kleiobject is voor ‘jou’ maar niet van ‘jou’, en ook voor ‘jou’ en voor ‘jou’, maar niet van ‘jou’. Niemand bezit dus een van de twee kleiobjecten.” Bij het woordje ‘jou’ en ‘jou’ wijs je steeds naar een ander kind, opdat het voor alle kinderen duidelijk is dat dit voor ieder kind geldt.

Oefening 1

Zeg: “Sluit je ogen maar, voel de klei in je handen en doe ermee wat je handen willen doen. Houd de klei wel op de plek in je handen of eventueel op het kleiplankje of de vloer.” 

Je zegt van nu af aan steeds “wissel”. Jij bepaalt hoeveel keer je de kinderen laat wisselen. De ‘wissel’ is in het begin iets sneller, maar wel zo dat de tijdsdelen steeds ongelijk zijn (geen gewenning). De tijdsdelen kunnen opeenvolgend iets langer worden. Misschien tussendoor nog eens één of twee keer iets sneller wisselen. Nadat de kinderen gewisseld hebben van kleibeeldje, zeg je binnen 15 seconden af en toe, zacht tussendoor: “Ontspan achter je ogen” en “Laat je uitademing los”.

Oefening 2

Tegen de tijd dat je de laatste ‘wissel’ uitgesproken hebt, zeg je heel zacht, maar goed hoorbaar voor de kinderen: “Houd je ogen nog maar even gesloten. Breng het stukje klei met je beide handen naar je gezicht en raak er zachtjes je voorhoofd mee aan. Open dan één oog een heel klein beetje, zodat je net iets van de klei en iets van je vingers ziet. Kijk naar de lichte en donkere plekken van de klei en kijk ook naar je vingers, naar je huid, je nagels en wat je nog meer ziet. Laat geleidelijk aan wat meer licht in je ogen komen. Je ziet nu meer van de klei, kijk in de openingen en gaatjes in de klei en ontdek wat daar te zien is. Kijk of je in dit halfschemer een plek kunt vinden waar je veilig en prettig kunt zitten. Zoek bijvoorbeeld een holte of scheur of een top van een heuveltje. Wanneer je ogen helemaal open zijn laat je je handen met het kleibeeldje in je schoot rusten. Blijf maar even zo zitten. Vanaf nu verander je niets meer aan het kleibeeldje.”

Hiermee is het praktische gedeelte van deze oefening voorbij. Je kunt hierna ook nog de volgende oefening toevoegen. 

“Laten jullie nu, zoals je in tweetallen zit, de kleibeeldjes aan elkaar zien. Dan vertel je elkaar wat je in het laatste kleibeeldje ziet. Ook kun je elkaar vertellen wat je ieder meegemaakt hebt tijdens het uitwisselen van de klei. Als laatste kun je ieder apart een titel of naam voor het kleibeeldje bedenken dat je in je hand hebt. De titel mag uit één tot hooguit drie woorden bestaan.”

Na afloop hiervan kun je de kinderen ieder de gevonden titel, per kind, duidelijk laten zeggen. Daarbij vraag je het kind het kleibeeldje iets in de lucht op te houden, om het beter te tonen aan alle andere kinderen.

Tekst: Lilian Roos

Marike Vroom
Marike Vroom werkt al 25 jaar voor de kinderopvangbladen. Begonnen als redacteur voor het blad Kinderopvang, is ze nu hoofdredacteur van dat blad en ook van Management Kinderopvang, Kinderopvangtotaal.nl én Zosja.nl. De sector heeft voor eeuwig haar hart gewonnen.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.